![]() |
|
![]() |
|
|
|
HUISHOUDELIJK REGLEMENT SV-TONGRIA 1.ADMINISTRATIEVE BEPALINGEN Art 1 Dit huishoudelijk reglement regelt de betrekkingen van de vereniging met haar leden en met alle gebruikers van de schietstand. Het is een aanvulling op de statuten van de vereniging SV TONGRIA. Art 2 Wijzigingen aan dit huishoudelijk reglement vereisen een eenvoudige meerderheid van de beheerraad. Art 3 De aansluiting tot de vereniging, maar ook het gebruik van de schietstand, verbindt het lid of de gebruiker tot het aannemen zonder voorbehoud van de statuten en reglementen van de VZW SV TONGRIA. Art 4 Iedere schutter moet zich eerst aanmelden in het clubhuis en intekenen in het aanwezigheidsregister zoals bedoeld en beschreven in Art 3§4° van het KB 13 juli 2000 indien hij met een vuurwapen zal schieten. Bij het gebruik van een luchtwapen zal zijn aanwezigheid genoteerd worden. Art 5 De VZW stelt zijn accommodatie ter beschikking van zijn leden, dewelke deze binnen de geldende normen zullen gebruiken. Art 6 De VZW en zijn bestuurders zijn niet verantwoordelijk voor gebeurlijke ongevallen en of schade aan persoonlijke eigendommen. Art 7 De ter beschikking gestelde materialen zullen alleen gebruikt worden in de voor de desbetreffende discipline beschikbaar gestelde stand. Art 8 Het lid is er toe gehouden de schade te vergoeden die hij met opzet en/of door het , niet naleven van de reglementen heeft aangericht. Art 9 a Elk lid mag 1 genodigde schutter of aspirant schutter meebrengen voor een proefbeurt in de luchtstand. Het lid zal de volle verantwoordelijkheid dragen en tijdens het schieten zal hij toezicht op zijn gast uitoefenen. Hij zal er voor zorgen dat zijn genodigde een daglidmaatschap afsluit. Voor de bezoekers geldt onverkort wat vermeld staat in art 10( zie aldaar). Dit kan slechts éénmalig geschieden. Art 9b Enkel de schutters welke een geldige licentie kunnen vertonen en aangesloten zijn bij een erkende club mogen een schietbaan huren om met een wapen te schieten. Art 10 Alle leden en genodigde schutters welke met vuurwapens willen schieten, moeten houder zijn van een al dan niet voorlopige vergunning. Buitenlandse gasten die in een lidstaat van de Europese Unie gerechtigd zijn aan dergelijke activiteiten deel te nemen zullen vooraf de vereiste documenten voorleggen die het voorhanden hebben van een vuurwapen in Belgie vergunnen. Art 11 Elke schutter zal zich houden aan de voorschriften eigen aan de stand waarvan hij gebruik maakt. Art 12 De voorzitter en elke toezichter en bestuurder heeft over de gehele accommodatie en ten allen tijde het recht om iedere persoon die deze accommodatie of een deel ervan betreedt of verlaat, volgende voorwerpen en documenten te controleren: lidkaart van de vereniging, legitimatiebewijs wapens en vergunningen voor deze wapens, aard van de aangewende munitie. Ieder lid wordt geacht zijn volledige en onvoorwaardelijke medewerking te verlenen aan een dergelijke controle. Art 13 Alleen de voorzitter, het bestuur en de aangestelde toezichters zijn bevoegd om de controles zoals bedoeld in art 12 uit te voeren. Art 14 Bij onregelmatigheden of onveilige toestanden mogen de voorzitter, de toezichters of bestuursleden de verantwoordelijke schutter terechtwijzen of verbod opleggen om verder te schieten en hem gelasten de standen te verlaten. Art 15 Een schutter die een sanctie gekregen heeft van een toezichter of bestuurslid, kan schriftelijk en aangetekend bezwaar indienen binnen de 8 dagen bij de voorzitter. Deze brengt de zaak voor de tuchtraad, welke advies geeft aan het bestuur, hetwelk in laatste aanleg aanleg beslist word op club niveau De betrokkene kan in zijn verdediging voorzien voor de tuchtraad . Art 16 Alle leden moeten jaarlijks een getuigschrift van goed gedrag en zeden overhandigen ( Art 3§3° KB 13.07.2000) en dit telkens vóór 15 DECEMBER. Leden die met deze regel niet in orde zijn zullen de toegang tot de schietstand geweigerd worden en hun lidkaart zal ingehouden worden. Art 17 Uit fair-play t.o.v. andere schutters zal iedere aanwezige op de schietstand de stilte eerbiedigen en de andere schutters niet storen tijdens de schietbeurt.
GEBRUIK VAN DE SCHIETSTANDEN2.1. VEILIGHEID Art 18 Bij BRAND in de schietstand 1. Onmiddellijk de schietoefening beëindigen 2. Telefonisch de BRANDWEER VERWITTIGEN: De telefoon staat in het bureel, een veiligheidstoestel hangt tegen de muur vóór het bureel en een draagbaar toestel is ter beschikking in de verbruikzaal. Tf BRANDWEER 012. 23.21.51 3. BRANDBESTRIJDINGSMATERIAAL gebruiken indien mogelijk. 4. Indien de brand niet onmiddellijk kan bedwongen worden, moet men de schietstand ONTRUIMEN. 5. Nadat de schietstand ontruimd is moet de ventilatie uitgeschakeld worden om de het aanwakkeren van het vuur te voorkomen. Dit betreft een rode drukschakelaar in het bureel achter de commissaris met dienst. Art 19 Bij een SCHIETINCIDENT. 1. Onmiddellijk de schietoefening beëindigen. 2. Telefonisch de DIENST 100 VERWITTIGEN. 3. EHBO materiaal aanwenden : de EHBO kast bevindt zich in de verbruikzaal. 4. De voorzitter , de veiligheidsofficier of minstens een bestuurslid verwittigen (lijst der nummers bevindt zich in het bureel) 5. Niemand mag het terrein verlaten vooraleer de officiële instanties aanwezig zijn en hiervoor toestemming hebben verleend. Art 20 Bij ONHEIL. 1.Onmiddellijk de schietoefeningen beëindigen. 2. Telefonisch de DIENST 100 VERWITTIGEN. 3. De installaties ontruimen. 4. De voorzitter, de veiligheidsofficier of minstens een bestuurslid verwittigen( de lijst der nummers bevindt zich in het bureel) Art 21 Elke onveilige situatie of niet naleving van het reglement moet door ieder lid gemeld worden aan de uitbater, de toezichters of bestuursleden. Art 22 De bezoekers van de schietstanden mogen de schutters niet storen en zullen zich ophouden in de verbruikzaal. Uitzonderlijk met toestemming van de commissaris met dienst zullen zij zich achter de kogelvrije ruit in het bureel kunnen ophouden. Het betreden van de schietstand 50 m is verboden voor bezoekers en wachtenden tijdens het schieten.
Art 23 Alle leden en bezoekers dienen zich ten allen tijden strikt te houden aan Art 3 § 9 KB 13.07.2000: (Alcoholische dranken mogen slechts worden genuttigd door particuliere schutters die hun schietactiviteiten volledig hebben beëindigd en in geen geval binnen de schietruimte en de wapenkamer; in deze ruimten geldt tevens een algemeen rookverbod; de toegang tot de “schietstand” is ontzegd aan elke persoon die kennelijk in staat van dronkenschap verkeert of in een soortgelijke staat ten gevolge van het gebruik van drugs. Art 24 De wapens moeten steeds in goede staat van onderhoud verkeren en de munitie voor deze wapens moet dusdanig gekozen zijn dat het wapen volledig storingsvrij werkt. 2.2. WAPENHANDELING – DRILL VAN DE SCHUTTERS. Art 25 Vervoer en verpakking van het wapen: 1) Alle wapens dienen ontladen en in een slotvaste koffer of uitgerust met een trekkerslot van en naar de schietstand getransporteerd worden. 2) Eenmaal op de terreinen van de schietstand aangekomen zullen de zoals in 1° beschreven verpakte wapens in de wapenstelplaats worden ondergebracht of in het voertuig worden gelaten onder hoede van de eigenaar en dit in afwachting van zijn schietbeurt. Na het beëindigen van de schietbeurt zullen de wapens op identieke wijze worden behandeld. Geen enkel wapen mag ondergebracht worden in de verbruikszaal. Art 26 In- en uitpakken van wapen en munitie: 1) Het wapen zal enkel in- en uitgepakt worden op de schutterstafel aan de vuurlijn nadat is vastgesteld dat de vuurlijnbeveiliging niet in werking is en dat er zich effectief niemand voorbij de vuurlijn bevindt. 2) Het vuur wapen zal meteen geheel ontladen (zonder lader in de pistolen en met open schuif)met de loop naar de kogelvanger op de schutterstafel aan de vuurlijn worden neergelegd. Art 27 Laden van het wapen: 1)De schutter zal zijn wapen dan pas laden nadat hij volledig klaar is om ook effectief te schieten ( doelschijf hangt, oor- en oogbescherming is aangebracht, de kijker is geplaatst en afgesteld) 2)De schutter zal het wapen tijdens het laden niet zijdelings draaien, doch er voor zorgen dat de loop steeds in de richting van de kogelvanger gericht is. 3) De schutter zal, eens het wapen geladen is, dit wapen in de hand vastnemen en het onder geen enkele voorwaarde terug neerleggen alvorens hij het wapen volledig terug ontladen heeft en het sluitstuk geopend heeft. 4) De schutter zal zijn trekkervinger niet op de trekker plaatsen maar naast de trekkerbeugel houden zolang de beweging om het wapen naar het doel te richten niet is ingezet. Art 28 Ontwapenen en ontladen van het wapen dient als volgt te gebeuren: 1) Voor de pistolen: Verwijder eerst de lader uit het wapen. Trek vervolgens de slede helemaal naar achter en blokkeer ze in deze stand, bij het achteruittrekken van de slede zal de patroon die zich in de kamer bevindt, verwijderd worden en uit het wapen vallen. Controleer of de kamer wel degelijk leeg is en leg het wapen met geopend sluitstuk neer met de loop in de richting van de kogelvanger. Ledig de lader. Let er wel op dat het wapen tijdens deze manipulaties steeds met de loopmond in de richting van de kogelvanger gericht blijft. 2) Voor de revolvers: Neem met enkele vingers van de vrije hand de haan stevig vast indien deze is opgespannen zodat men deze kan tegenhouden bij het overhalen van de trekker , waarbij hij zacht in ruststand komt zonder dat er een schot afgaat. Open de trommel en verwijder met behulp van de uitwerperstang de ingebrachte patronen. Let vooral op bij deze handeling, de loopmond in de richting van de kogelvanger te houden. Leg het wapen met opengeklapte trommel neer met de loopmond in de richting van de kogelvanger. 3) Voor de geweren: Indien het geweer een lader heeft, dient deze altijd eerst verwijderd te worden. Vervolgens dient het sluitstuk naar achter te worden gebracht en afhankelijk van het model in deze stand verankerd te worden. Het sluitstuk dient steeds open te zijn wanneer het wapen wordt neergelegd. Wordt echter het sluitstuk opengehouden door de lege lader of wordt het dichtgedrukt door een veer, dan dient de schutter het sluitstuk open te spannen met een op maat gezaagd stukje hout of plastic. Art 29 Het oplossen van storingen: 1) In gelijk welke omstandigheid, hetzij door een storing of onklaar worden van het wapen of een deel ervan, dient de storing steeds opgelost te worden terwijl de loop in de richting van de kogelvanger gehouden wordt. 2) Bij het niet afgaan van het wapen na het overhalen van de trekker dient men volgende stappen te doorlopen: >Houdt het wapen tussen de 10 en 30 seconden op het doel gericht ( er kan een vertraagde ontsteking optreden, waardoor het schot later vertrekt) > Ontlaadt het wapen en open het sluitstuk. > Indien een gepercuteerde maar niet afgevuurde patroon wordt aangetroffen, dient deze met enige omzichtigheid (het betreft onstabiele munitie) in de ketsersbak van de stand gedeponeerd via de opening in het deksel Deze bak is rood geschilderd en bevindt zich achter de schutters. 3) Wanneer u bij het afvuren van het wapen een merkelijk lichtere terugslag bemerkt dan normaal, dan dienen volgende stappen te worden doorlopen: > Ontlaadt het wapen en open het sluitstuk > Ga met een kuisstok door de loop , of bij gebrek hieraan, kijk door de loop om u ervan te vergewissen dat de kogel niet in de loop is blijven steken ( Dit is niet denkbeeldig en wanneer men een tweede kogel zou afvuren zal het wapen ingevolge de overdruk zeker uit elkaar spatten). Art 30 Reactie op de veiligheidsapparatuur: 1) De schietstand voor vuurwapens is uitgerust met een vuurlijnbeveiliging die automatisch in werking treedt wanneer er zich iemand voorbij de vuurlijn begeeft. Deze vuurlijnbeveiliging bestaat uit een in elk schiethok aangebrachte rode lamp. 2) Bij ingeschakelde vuurlijnbeveiliging mag de schietstand niet gebruikt worden en moeten alle schutters van hun wapen en munitie afblijven. 3) Wanneer deze vuurlijnbeveiliging tijdens een schietoefening plots in werking treedt, dienen de schutters onmiddellijk het vuren te staken en hun wapens te ontladen. Art 31 Het overschrijden van de vuurlijn: Aangezien alle lijnen volautomatisch zijn en de doelen kunnen gewisseld worden vanaf de schietplaats is het overschrijden de van vuurlijn ten strengste verboden voor de schutters. De vuurlijn mag alleen overschreden worden bij noodzaak door de wedstrijdleiding na het nemen van de voorgeschreven nodige veiligheidsmaatregelen . De voorgeschreven veiligheidsmaatregelen zijn: -ontlaadt de wapens, open het sluitstuk en leg de wapens neer. -wacht tot iedereen hieraan voldaan heeft en controleer de wapens. -De wedstrijdleiding kan dan voorbij de vuurlijn gaan om zijn werk te verrichtenArt 32 Reinigen van de wapens: Het onderhoudt en het reinigen van de wapens dient bij de schutter thuis of bij de wapenmaker te gebeuren. Kleine reinigingen om de bedrijfszekerheid van het wapen te garanderen, wanneer men met hetzelfde wapen aan verschillende schietoefeningen wenst mee te doen zijn wel toegelaten. Er mogen evenwel geen wapens in of uitgepakt of gereinigd worden aan tafels of de rekken achter de schutters. Deze tafels mogen enkel gebruikt worden voor het opbergen van lege wapenkoffers, tassen , kaarten en dergelijke. Art 33 De schutter is steeds verantwoordelijk voor zijn wapen en mag dit in geen geval onbeheerd achterlaten, tenzij ontladen en verpakt in slotvaste koffer in de wapenberging. Dit wapen mag zich daar enkel bevinden wanneer de eigenaar aanwezig is op de infrastructuur van de schietstand. Indien de eigenaar zijn wapen opbergt in zijn voertuig blijft hijzelf steeds verantwoordelijk voor zijn eigendom. 3.ONDERHOUD EN REINIGING VAN DE SCHIETSTAND. Art 34 Na het schieten moeten alle doelen uit de schietbanen verwijderd te worden, I.S.S.F. doelschijven dienen in de daarvoor voorziene gleuf gedeponeerd. Art 35 De ledige hulzen, indien ze niet worden meegenomen, dienen in de hulzenbak gedeponeerd, ander afval, zoals verpakkingdoosjes dienen in de metalen emmers gedeponeerd te worden. Art 36 Alle schietstanden worden elke week grondig gereinigd door de standverantwoordelijke. Elke reinigingsbeurt wordt opgeschreven in het onderhoudsboek en ondertekend. Art 37 In de loop van de eerste week van de maand worden in alle schietstanden de wanden ontstoft door de standverantwoordelijke. Deze activiteit wordt eveneens ingeschreven in het onderhoudsregister. Art 38 Maandelijks technisch onderhoud: -goede werking van de vuurlijnbeveiliging -controle van de kogelvangers -goede werking van de noodverlichting -goede bereikbaarheid van de nooduitgangen en hun ontgrendeling -toestand van de brandbestrijdingsmiddelen -controle op de inhoud van de E.H.B.O. kist ( volgens inhoudslijst) De technieker zal zijn bevindingen en eventuele herstellingen punt per punt inschrijven in het onderhoudsboek en dit ter ondertekening voorleggen aan de veiligheidsofficier en de standverantwoordelijke. Het bestuur zal de nodige actie ondernemen om elk euvel hersteld zal worden. Art 39 Eenmaal per jaar zullen alle brandblussers gecontroleerd worden door een erkende firma, waarmede een contract werd afgesloten door de VZW SV TONGRIA. 4. SCHIETTECHNIEKEN Art 40 Hert vuren in een andere richting dan de kogelvanger en op andere voorwerpen of doelen dan dewelke zijn toegelaten op de stand, is verboden. Art 41 De schietoefeningen zullen steeds visueel gevolgd worden door de verantwoordelijke voor de stand ofwel rechtstreeks ofwel via monitor. Art 42 Elk gebruik van magnum munitie, kogels met hardstalen kern, lichtkogels of lichtspoormunitie en kwikhoudende munitie is ten strengste verboden en geldt ten allen tijde en voor alle schietbanen. Art 43 Door het bestuur is het gebruik der schietbanen tijdens trainingen en wedstrijden bepaald als volgt: 1) De drie banen van de stand 25/50 meter stand mogen enkel voor olympische disciplines en het afnemen der praktische testen worden gebruikt. 2) De 5 banen der 25 meter stand kunnen gebruikt worden voor zowel de olympische- als het parcoursschieten. Art 44 Indien er wapens of munitie getest moeten worden, dient dit te gebeuren tijdens de uren dat de stand niet geopend is voor de schutters doch steeds in aanwezigheid van een bestuurslid. Art 45 De volgende schiettechnieken zijn verboden: 1) volautomatisch schieten 2) schieten op menselijke silhouetten 3) gewelddadige scenario’s 4) realistische situaties 5) schieten vanuit dekking 6) schieten waarbij het wapen verborgen wordt gehouden 7) het gebruik van een holster, uitgezonderd bij erkende trainingen van schietdisciplines waarbij het gebruik van een holster voorgeschreven is, namelijk het parcoursschieten. 8) vanuit de heup te schieten. 9) schieten met voorladers van welke soort dan ook. 10) schieten met miniatuur kanonnen. 11) schieten met wapens met hagelmunitie 12) De hierna weergegeven bepaling van het KB 13/07/2000dient strikt nageleefd te worden: Art 3/1- het gebruik van automatische wapens is verboden. Het gebruik van halfautomatische lange wapens is verboden behalve als dit noodzakelijk is een door de gemeenschapsoverheden bevoegd voor sport erkende discipline . 5.DOELENArt 46 Er mag op geen andere voorwerpen dan op de daartoe ontworpen doelen worden geschoten. Art 47 Normaal schiet men de olympische oefeningen op I.S.S.F. schietschijven welke te verkrijgen zijn in het bureel der stand. De schijven voor het parcoursschieten zijn van bruin karton of zijn peppers. Deze mogen slechts gebruikt worden door de schutters aangesloten bij de federatie en in bijzijn van de verantwoordelijke van het parcoursschieten. Het zijn slechts de verantwoordelijken van het parcoursschieten welke de toestemming tot het gebruik van deze doelen kan geven. 6.GEBRUIK VAN DE SCHIETBANEN
Art 49 6.1. Indeling en benaming van de schietstanden De standen zijn als volgt ingedeeld: * De luchtstanden bevinden zich rechts van de ingang op het gelijkvloers en eerste verdiep. Elke luchtstand omvat 7 schietbanen. * De handvuurwapenschietstand 25/50 meter bevindt zich gelijkvloers, links van de ingang. Hij omvat drie schietbanen welke kunnen omgeschakeld worden van 25 naar 50 meter, al naargelang er geschoten wordt met korte of lange handvuurwapens. * De handvuurwapenschietstand 25 meter bevindt zich naast het controlebureel op het gelijkvloers.
Art 50 Luchtschietstand gelijkvloers. * De maximale bezetting van deze stand is als volgt samengesteld: 7 schutters 1 monitor 1 toezichter Luchtschietstand eerste verdiep. * De maximale bezetting van deze stand is als volgt samengesteld: 7 schutters 1 monitor 1 toezichter In de luchtstanden wordt alleen met luchtdruk of CO2 wapens geschoten Er wordt uitsluitend op I.S.S.F kaarten geschoten. Er zijn geen toeschouwers of wachtende schutters toegelaten. De schutters dienen hun beurt af te wachten in de verbruikzaal, alwaar ze zullen verwittigd worden wanneer hun schietbeurt is aangebroken. Art 51 Handvuuwapenschietstanden. 1) Deze schietstand is een naar Vlarem 2, afdeling 7 ( schietstanden in een lokaal), categorie “A” norm gebouwde stand. 2) Deze schietstand is voorbehouden aan de leden welke een geldige vergunning voor een vergunningsplichtig vuurwapen kunnen voorleggen en dewelke een praktische test hebben afgelegd bij de veiligheidsofficier van de schietstand ( ingevoerde veiligheidsmaatregel voor leden welke na 01.01.1999 lid werden). Verboden voor minderjarigen van minder dan 16 jaar. 3) De vuurlijn bevindt zich aan de voorzijde van de schutterstafels. 4) De maximale bezetting van de schietstand is voorzien als volgt: voor de banen 25/50 meter, 3 schutters, 1 monitor, 1 toezichter voor de banen 25 meter , 5 schutters, 1 monitor, 1 toezichter Er zijn geen wachtende schutters of toeschouwers toegelaten. 5) Er wordt slechts één vuurlijn per schutter toegelaten. 6) Wanneer de schutter zich verplaatst met zijn wapen tijdens de schietoefening ( parcoursschieten) dient hij in het bezit te zijn van een geldige wapendrachtvergunning voor het wapen dat hij gebruikt. Verplaatsingen met het wapen open in de hand zijn verboden voor de olympische schietoefeningen . 7) Er mag geschoten worden met volgende wapens: op de banen van 25/50 meter met: Zie lijst in bijlage op de banen 25 meter met: Zie lijst in bijlage. schoudervuurwapens behoudens deze beschreven in Vlarem 2 hieromtrent: Art 5.32.7.2.1. jachtwapens alsmede jacht en oorlogsmunitie zijn verboden in de schietstand. het gebruik van voorlaadwapens is verboden het gebruik van kogels met hardstalen kern lichtkogels, lichtspoormunitie en kwikhoudende munitie is verboden. 8) het gebruik van de duelinstallatie is enkel toegelaten in aanwezigheid van een monitor en wanneer er geen gewone schietoefeningen gehouden worden Art 56 Gebruik van de wapenstelplaats Deze stelplaats mag gebruikt worden door de leden om hun wapens achter te laten in een slotvaste koffer en in ontladen toestand. Niettegenstaande ze deze stelplaats ter beschikking hebben, blijven zij persoonlijk verantwoordelijk voor de veiligheid van hun wapens. Niet toegankelijk voor minderjarigen van minder dan 16 jaar.
7. BIJKOMENDE ALGEMENE REGLEMENTEN.
Art 57 De schuttersvereniging V.Z.W. S.V. TONGRIA ,kortweg SVT genoemd, is een private instelling. Art 58 De toegang tot de aanhorigheden, welke eigendom zijn van de V.Z.W. S.V. TONGRIA mogen enkel betreden worden door de: a:-reglementair aangesloten actieve leden der vereniging. b:-steunende leden welke een lidkaart als steunend lid ontvingen via een bestuurslid. Deze leden mogen zich enkel ophouden in het clublokaal of parking. Al de andere lokalen zijn verbodenterrein. c:-kandidaat leden welke om aansluiting of kennismaking verzoeken, mogen zich ophouden in het clubhuis of op de parking. Deze aanwezigheid is beperkt tot maximaal 1 bezoek. Voor het inwinnen van inlichtingen mogen zij het sas van het bureel betreden. d:- reglementair aangesloten leden bij KVBSV welke lid zijn van een andere schietclub dan SVT, mogen zich eveneens aanmelden wanneer zij gebruik willen maken van de accommodatie van SVT. Art 59 Om als lid aanvaard te worden moet de verzoeker één der drie landstalen vlot spreken en verstaan. Een tussenkomst van een tolk kan niet worden aanvaard om reden dat men ten allen tijden de nodige aanwijzingen betreffende veiligheid moet kunnen overbrengen en men dient volgende werkwijze toe te passen: elk kandidaat lid moet zijn aanvraag doen op een daarvoor voorzien formulier dat hem ter hand wordt gesteld. Elke rubriek dient te worden ingevuld.. Particuliere gevallen worden gesproken op de bestuursvergadering op advies KVBSV. -Het aspirant lid voegt hierbij : -als meerderjarige : 3 pasfoto’s en een attest van goed zedelijk gedrag. -als minderjarige : 2 pasfoto’s en de toelating van de wettelijk verantwoordelijke persoon. II Tijdens de eerstvolgende vergadering van het dagelijks bestuur wordt over de aanneming of afwijzing beslist door het bestuur, dat terzake geen verantwoording dient af te leggen. Elke genomen beslissing is onherroepelijk. III Het kandidaat lid wordt van de genomen beslissing verwittigd door de secretaris. Het lidgeld dient betaald aan de commissaris met dienst, welke eveneens instaat voor het afleveren van een ontvangstbewijs dat eveneens dienstdoet als voorlopige lidkaart. Het nummer op dit bewijs is het lidnummer van betrokkene. IV Is betrokkene in het bezit van een vuurwapen, dient hij een test af te leggen betreffende het veilig manipuleren van het wapen. Is hij geslaagd, dan zal de veiligheidsofficier welke de test afneemt, een attest van bekwaamheid afleveren. Nadien mag het nieuwe lid dan zijn vuurwapen gebruiken tijdens de schietoefeningen. Is hij niet geslaagd, valt hij terug op de voorschriften van V hieronder. V Leden welke bij aanneming niet beschikken over een vuurwapen of niet slaagden in de test, zijn gehouden een stageperiode van ZES MAANDEN met een minimum van 24 SCHIETBEURTEN te doorlopen met een luchtwapen. Nadien kan er een nieuwe test qua bekwaamheid worden afgelegd. Bij negatieve beslissing volgt onherroepelijk een nieuwe stage van dezelfde duur en onder dezelfde voorwaarden. VI Leden welke zich tijdens de stageperiode toch een vuurwapen zouden aanschaffen, zijn gehouden hun stageperiode volledig te doorlopen. De duur van de stageperiode kan NOOIT ingekort worden. VII Teneinde de commissaris met dienst de mogelijkheid van controle te laten betreffende het wapengebruik door de leden werden verschillende kleuren van lidkaarten ingevoerd, zijnde : een groene voor de bestuursleden. een rode voor de steunende LEDEN een witte voor de schutters welke met vuurwapens mogen schieten. een witte met vermelding in het rood de naam en “lucht” voor de schutters welke met enkel met luchtdrukwapens mogen schieten. VIII Elk lid zal een kaart ontvangen met een persoonlijke barcode. Deze kaart is een sleutel om het slot van de sasdeur aan de ingang te openen. Ook ontvangt hij een lidkaart, deze dient ook om de schietbeurt te laten registreren. Het verlies van deze kaart , dat onmiddellijk dient gemeld te worden aan een bestuurslid, zal een financiële impact hebben. Er zal een som van 20 Euro aangerekend worden aan betrokken lid. ( schrapping van de barcode, creatie van een nieuwe code en opstelling van nieuwe kaart). Deze kaart is strikt persoonlijk en mag nooit uitgeleend worden ( wettelijke bepaling gebruik van valse sleutels) ART 60 Het gedrag in het clubhuis moet van die aard zijn dat er geen overdreven lawaai wordt gemaakt zodat de overige leden er geen aanstoot aan nemen. Men dient zich ten allen tijde te schikken naar de aanwijzingen van de verantwoordelijke voor het clubhuis, de commissaris met dienst of een bestuurslid. ART 61 De gebruikers van de schietstand worden verzocht het clubhuis en de aanhorigheden rein te houden en geen opzettelijke beschadigingen aan te richten. Vastgestelde defecten dienen gemeld aan de verantwoordelijke voor het clubhuis of de commissaris met dienst. Opzettelijke beschadigingen worden in rekening gebracht van de veroorzaker. Deze stelt zich eveneens bloot aan een disciplinaire sanctie welke eventueel door de tuchtcommissie zal worden voorgesteld aan de bestuursvergadering. ART 62 Bij aankomst in het clubhuis dienen de leden zich aan te bieden bij de commissaris met dienst via het loket in het bureel, evenwel zonder het bureel te betreden, teneinde een schietbeurt te vragen. Zij dienen te specifiëren met welk kaliber er geschoten wordt. Wedstrijdschutters dienen onmiddellijk te melden wanneer zij een wedstrijd willen schieten. De leden dienen hun lidkaart af te geven aan de commissaris met dienst, teneinde hun aanwezigheid te laten registreren wanneer zij met luchtwapens schieten, wanneer zij met vuurwapens schieten dienen zij zich in het daartoe bestemde register in te schrijven. De lidkaart blijft in het bureel tot na de schietbeurt. Het betrokken lid zal opgeroepen worden door de commissaris met dienst om zijn schietbeurt af te werken. Het betrokken lid dient hieraan onmiddellijk gevolg te geven, zoniet wordt zijn beurt verschoven als laatste deelnemer. Het is de commissaris met dienst welke in laatste instantie beslist waar geschoten dient te worden. Hij houdt rekening met het aantal schutters, schietbeurten en kalibers en is steeds verantwoordelijk voor het schietgebeuren. ART 63 In het clubhuis mogen zich geen wapens bevinden. Ze dienen ondergebracht in de stelplaats voor wapens in de gang naar de schietstand. Het beheer van de wapens is onder het toezicht en de verantwoordelijkheid van de houder van het wapen. Geen enkel wapen mag getoond of rechtstreeks ter hand genomen worden buiten de schietbaan. Wanneer de commissaris met dienst de toelating geeft, mag dit wel gebeuren in het bureel na toepassing van de veiligheidsmaatregelen. Er mag in geen geval aangelegd worden in een richting waarin personen zich bevinden. ART 64 Het gebruik van alcoholische dranken vóór het schieten is ten strengste verboden en de toegang tot de schietbanen zal aan deze personen worden ontzegd door de commissaris met dienst. ART 65 Het is verboden een gehuurd luchtwapen van de club uit te lenen aan een ander lid. Bij een inbreuk terzake, zal een retributie van 12,50 Euro opgelegd worden aan de huurder van het wapen , waarbij tevens een tijdelijke schorsing kan voorgesteld worden door de tuchtcommissie. Het gehuurde wapen dient onmiddellijk na de schietbeurt, na het uitvoeren van de veiligheidsmaatregelen, ongeladen terug gebracht in het bureel. ART 66 De openingsuren zijn bepaald als volgt: MAANDAG : 18.00/19.00 schiettesten op afspraak met de veiligheidsofficier volgens beurtrol KVBSV. 19.00/22.00 trainingen der wedstrijdschutters WOENSDAG : 19.00/22.00 alle leden, met luchtwapens –vuurwapens .22-.32-.38 WC en karabijn .22 20.30/22.00 mag er geschoten worden met zwaar kaliber pistool en revolver. ZONDAG : 09.00/12.00 alle leden, luchtwapens, vuurwapens.22,.32,.38 WC +karabijn.22 10.30/12.00 zware kalibers pistool en revolver 13.30/17.00 alle leden, luchtwapens en vuurwapens .22,.32,.38 WC +karabijn.22 15.30/17.00 zware kalibers pistool en revolver. ART 67 Elke wijziging in het gerechtelijk strafdossier, correctionele of criminele veroordelingen, na de aanvaarding als lid opgelopen, dienen door de leden ter kennis te worden gebracht van het bestuur, waarna er over al of niet uitsluiting zal worden beslist. Elke weigering terzake zal de definitieve schorsing tot gevolg hebben. ART 68 Elke adreswijziging zal schriftelijk medegedeeld worden aan de secretaris. ART 69 Elke inbreuk tegen het huishoudelijk reglement zal behandeld worden door de tuchtcommissie, waarna het bestuur de definitieve sanctionering zal treffen. Hiertegen is geen beroep mogelijk. ART 70 De tuchtcommissie is samengesteld uit een voorzitter, een verdediger en een aanklager behandelen enkel inbreuken tegen de reglementen en veiligheid. De tuchtcommissie geeft advies aan het bestuur alvorens deze een definitieve regeling terzake treft. Elke betrokkene zal zich kunnen verdedigen bij de tuchtcommissie. De voorgestelde sancties zijn : -de terechtwijzing -schorsing voor de duur van één maand -schorsing voor de duur van drie maanden -schorsing voor de duur van zes maanden -definitieve uitsluiting ( bij deze maatregel zal KVBSV verwittigd worden, zodat zij eventueel hun andere bestuursleden kunnen informeren). ART 71 De als lid betaalde fondsen kunnen bij het verbreken van het lidmaatschap niet teruggevorderd worden door de leden. Zij blijven onverdeeld eigendom van de club SVT. ART 72 De lidkaart, samen met de barcodekaart, blijven steeds het eigendom van SVT. De leden hebben enkel gebruikersrecht voor de duur van hun lidmaatschap. Bij het beëindigen van het lidmaatschap dienen beide kaarten overhandigd aan een bestuurslid SVT. Indien de kaart niet wordt teruggegeven zal er een brief gestuurd worden aan betrokkene om hem aan te manen de kaarten terug te bezorgen. Na deze aanmaning zal er na een maand een overschrijving worden opgestuurd om de kosten ,voorzien in artikel 59 VIII, te voldoen. ART 73 Dit reglement treedt in werking op 09.03.2007.Het annuleert en vervangt alle vorige huishoudreglementen.
Aldus opgemaakt te TONGEREN op 09.03.2007
De voorzitter LUCASSEN Ludo De bestuursleden:
BUDENERS R. CROES BIJNENS
MOTMANS BUDENERS B. JANS
WETS KAPS PICART
NASSEN LAERMANS MUNSTERS
HAMONTS BOELEN TERCAEFS
VANDENNESTE JORISSEN DEWALQUE
ROOSEN THONNON
Err mar 2007
|
|
|
Webmaster : Trouwers Bruno .